Langzaam ebt de kater weg

Vrijwel direct na de persconferentie van Rutte deze week krijg ik een mail van The Ride organisatie. Het besluit om The Ride 2020 definitief niet door te laten gaan is genomen. Op Facebook wordt nog druk gediscussieerd over het wel of niet doorgaan. Maar met mijn reactie: ‘Zie mail, exit The Ride 2020’, help ik iedereen uit de dromen die het nog niet heeft gezien. Er kan een kruis door 2020.
Ik baal. En dat is een understatement. Onvermijdelijk, dat begrijp ik ook wel, maar de kater is er niet minder om.
Ik moet even naar buiten een rondje lopen en stel mezelf allemaal vragen, zonder ze te beantwoorden. Ga ik er volgend jaar wéér voor? Of ga ik dan voor de Dolomieten- of Pyreneeënvariant? Of is het wel goed zo? En ga ik hele andere doelen stellen? Mijn PR van 340 km op 1 dag verbeteren bijvoorbeeld?

Voor volgend jaar krijgen we een voucher met een fikse korting. Hoeveel? Dat wordt volgende week duidelijk, maar geld terugkrijgen is niet aan de orde. Ach, beïnvloed dat mijn beslissing? Ik denk het eigenlijk niet. Geld is maar geld.
Eerst stelde ik The Ride een jaar uit, omdat het niet zo goed uit kwam met andere vakanties. En nu weer een jaar vanwege corona. Het begint zo langzamerhand wel een hele lange termijn doelstelling te worden.
’s Nachts word ik een paar keren wakker en meteen popt The Ride op, maar de volgende dag ebt de kater langzaam weg. Live goes on. Er zijn veel belangrijker dingen in het leven. Dat realiseer ik mij heus wel.

Niet omdat het kan, maar omdat het moet!

Ik heb toegang tot drugs. Helemaal gratis en voor niks. Hoe? Heel eenvoudig. En ik krijg er nog conditie van ook.
Voor Dumoulin is wielrennen een professie. Wielerspecialist De Haan in Ouderkerk kan er op een andere manier een goede boterham aan verdienen. Althans daar ga ik vanuit.
Maar voor mij is het vooral een mooi tijdverdrijf. Een passie. Nu de sportscholen dicht zijn, ontdekken veel meer mensen dat wielrennen heel gaaf is. Zo ook mijn zoon. Dus was hij op zoek naar een goede tweedehands. Waar je voorheen nog lekker kon afdingen op een racefiets op Marktplaats, moet je nu bijna overbieden om eigenaar te worden van die ene tweedehands racefiets.Een passie voor fietsen. Heerlijk, gevoel is dat. Maar het kan ook beklemmend werken.

Een keer fietsen per week, dat is niet genoeg, twee keer eigenlijk ook niet. Omdat ik nog steeds hoop dat de TheRide eind augustus wel door gaat, train ik 3 a 4 keer in de week met al snel zo’n 300 km per week. Nu het ’s avonds langer licht blijft, is dat ook goed te doen. Vermoeiend? Nee, niet echt. Word ik er gelukkig van? Jazeker!

Een beetje verslavend is het ook. Iedere keer als ik een stuk gefietst heb, voel ik mij weer beter. Niet dat het altijd beter of harder gaat, maar ik vóel mij beter. Dit komt door de aanmaak van Endorfine. Iets wat geproduceerd wordt tijdens een lichamelijke inspanning en geluk veroorzaakt. En omdat dat een lekker gevoel geeft, wil je daar meer van. Een gratis drug. Ofwel ik ‘moet’ fietsen. Lukt dat niet, omdat het werk of andere verplichtingen dat niet toelaten, dan word ik na niet al te lange tijd een beetje sjaggie. Niets helpt dan, alleen mijn racefiets pakken en een lekker stukkie fietsen. Zelfs als het niet zo goed weer is. Want zeg nou eerlijk, wat is nu een lekkerder gevoel om naar buiten te kijken waar het slecht weer is en dat je dus al een rit van 80 km in de benen hebt. Wielrennen, niet omdat het kan, maar omdat het moet.

Zal ik een foto van je maken?

Toch raar dat er wielrenners zijn, die bij het eerste beetje zon meteen als Pavlov reactie een korte broek en shirt aantrekken. Ik niet. Ik reed ze vorige week nog met overschoenen en handschoenen tegemoet. Ze zullen mij voor gek verklaard hebben, maar 8 graden met en noordoostenwind, kracht 4, vind ik toch echt te koud om comfortabel in het kort te rijden.
De zomertijd is begonnen. De eerste dagen waren nog fris, maar inmiddels zijn we een week verder en is het weekend. 20 graden is de voorspelling. Ik besluit er vroeg uit te gaan om te fietsen. Solo uiteraard. Voor mij geen straf, want 9 van de 10 keer rijd ik al solo.
Enige nadeel van vroeg starten is dat het nu nog koud is. 7 graden bij de start. Wat doe je dan aan als je weet dat het 2 uur later wel lekker wordt.
De zon schijnt volop, dus ik besluit tot een korte broek, een thermo-ondershirt met korte mouwen onder mijn wielershirt én armstukken.

Er is al aardig wat volk op de been. Iedereen wil blijkbaar voor de meute uit. Langs de Amstel rijdt half Amsterdam op weg naar het Groene Hart. Ik wil fietsersluwe wegen in plaats van autoluwe wegen. En langs de A2 lukt dat goed. Hier kom ik vrijwel niemand tegen. Het is zelfs zo rustig dat ik toch besluit een stuk Ronde Hoep te proberen. Ook dat gaat wonderwel goed. Hoewel er wel behoorlijk wat stelletjes of huisgenoten fietsen, die niet aan Social distancing doen. Een veel gehoorde klacht van echte #ridesolo-fanaten op social media. Ik begrijp die setjes wel, maar ga dan op smalle wegen niet ook nog eens naast elkaar fietsen, want dan gaat het natuurlijk niet goed. By the way, met de aantrekkende zuidwesten wind vandaag kun je sowieso beter achter elkaar fietsen.

Ook langs het Amsterdam Rijnkanaal is het stil. Een paar fietsers, een groot vrachtschip, dat is het ongeveer wel. De temperatuur is inmiddels aardig opgelopen. Bij het eerste beste bankje bij Kockengen maak ik een stop. 60km op de teller. Tijd voor een banaantje en een krentenbol. Mouwstukkken af en even genieten van het zonnetje. En even vereeuwigen met een selfie, voor Strava.
“Zal ik even een foto van je maken?” Een jonge dame, strak in haar wielrenpak, stop vlak bij mij. Waar ik heb dit aan te danken, denk ik nog even naïef, maar al snel blijkt dat ze op haar tragere vriend moet wachten. Een oprecht aardige vraag van haar en toch heb ik hem al met nee beantwoord voor ik erg in heb.
Hoe moet dat dan, denk ik nog. 1,5 meter. Leg ik dan mijn telefoon op de bank, die zij dan pakt, een foto maakt, weer terug legt op de bank. Maar goed, door mijn simpele nee, is het ‘probleem’ al uit de wereld.
Vanaf nu ruim 40km bijna alleen maar wind mee of van opzij. Lekker hoor. Geniet ik toch wat meer van het getjilp van mussen rondom de boerderijen langs de Kromme Mijdrecht. Overigens ook hier is het lekker rustig. Soms een kleine opstopping omdat wandelaars en fietsers in beide richtingen elkaar met 1,5 meter elkaar proberen te passeren. Dat lukt dus even niet. Maar niemand lijkt zich druk te maken. Heerlijk zo’n eerste zomertijd week.