Mountainbiken in Nepal, hoe gaaf is dat?

Mountainbiken in Nepal is niet te vergelijken met Nederland. Onze fiets/wandeltrekking met Djoser begint in Kathmandu. Na het aanmeten van de fietsen beginnen we met een verkenning door de stad. Het is retedruk en toch zou het rustig zijn in verband met een feestweekend en door het bezoek van de Chinese president. De route hangt vol met het hoofd van Xi Jinping. We moeten links rijden, altijd even wennen. Goed asfalt lijkt een zeldzaamheid in Nepal. Enorm veel potholes. Na 10 x aangeven dat er een gat in de weg is aan de mensen achter mij, stop ik er mee. Gewoon zelf goed opletten. Met de MTB is het overigens prima te doen.
Net buiten het centrum verdwijnt de stank van uitlaatgassen en komt er wierookgeur voor in de plaats. Ook het grauwe straatbeeld verandert meer in kleur door de vele stalletjes met de bloemen van de Afrikaantjes (mag ik die nog zo noemen?) die dienen als offer voor de goden.

Het getoeter blijft. Het wordt overal voor alles getoeterd. Inhalen, invoegen en groeten. En overal hangen borden met de tekst Don’t horn 🙂.

Ik heb mijn wielerkleding aan, net als de meesten van de groep. Dat is heel ongebruikelijk hier. Geen local doet dit. En als je in deze kleding ook nog eens rondloopt op de heiligste plekken van Kathmandu, dan voel je je een indringer op het religieuze feest van anderen. Wij maken foto’s, maar er worden ook veel foto’s van ons gemaakt.

De 2e dag wordt een stuk zwaarder, aldus reisleider Ton. Kathmandu uit is inderdaad zwaar. Het is een Strade Bianche in het kwadraat in combinatie met een heavy MTB parcours. Fietsers zie je hier nauwelijks, behalve degene die op de hoek een boodschapje moeten doen. Motoren des te meer. Geen offroad wat je hier zou verwachten, maar mooie wegmotoren. Mannen voorop met helm en de ladies in hun nette kleding achterop. Zonder helm. Het kost ons een paar uur om echt iets landelijker te kunnen fietsen. Na diverse voorsteden maakt de stad plaats voor rijstvelden en krijgen we meer zicht op de bergen. Asfalt is nog steeds beperkt. Na een pauze bij wederom een tempel, krijgen we de keuze. Willen we een klim van 4km naar een klooster of niet. Voor mij een no-brainer. Natuurlijk ga ik naar boven. Mooie manier om lekker bezig te zijn, maar uiteraard ook om nog meer van het mooie land te zien. Een deel van de groep twijfelt maar stapt toch op. De 4 km lijkt slechts 2,5 km maar wel flink steil. Iedereen komt uiteraard boven. Misschien soms een stukje lopen, maar toch.

De afdaling blijkt net zo zwaar omdat er grote keien in het ‘wegdek’ zijn verwerkt. Continue staan op de pedalen om de klappen van de rotsachtige weg op de vangen. Ik voel mijn bovenbenen.
Na de lunch moeten we nog een laatste stuk van 9 km van vooral klimmen. We moeten naar 1900 meter. Ik begin er lol in te krijgen. Offroad heeft plaats gemaakt goed asfalt zonder gaten. Ook wel eens lekker. Soms zijn de stukken echt steil. Een keer moet ik heel rap terugschakelen. En dan gaat het meteen verkeerd. De ketting vliegt naast mijn kleine voorblad, maar gelukkig kan ik deze er direct weer opzetten. Als het niet meer gaat mag je je fiets in de jeep plaatsen die als bezemwagen achter ons aan rijdt. Maar daar wil niemand aan. Met het juiste karakter komt iedereen boven. En dat wordt beloond met de eerste besneeuwde toppen. De Langtang. Vandaag hebben we 12,6 km geklommen met 19 procent als steilste stuk.

Met een hartige pannenkoek en een dikke omelet als ontbijt ben ik klaar voor de 3e dag. En die begint lekker. Met een klim direct vanaf de Farmhouse. Eerst nog asfalt maar daarna gaat hij over in grof beton.
Na een klim van 6 kilometer met zo af en toe een fantastische blik op de Himalaya kom ik boven en met mij uiteraard de rest van de groep. Soms help ik Anja een beetje in de klim door haar een duwtje in de rug te geven op de steilste stukken. We nemen een korte pauze met local tea en zijn dan helemaal uitgerust voor de afdaling. Waar we het gisteren hadden over een makkie, weten we inmiddels meer. Er wordt geadviseerd om het zadel iets lager te zetten vanwege de steile afdaling, offroad en die blijkt ook nog eens technisch te zijn. Weer eens wat anders voor een roadracer.

Na 2 minuten maakt de eerste medereiziger al een val. Gelukkig loopt het goed af. Alles heel, maar wel wat last van de knie. Een kwartier later gaat nummer twee over de kop. Ook dit gevalletje valt mee. Goed opletten dat is het devies. Uiteindelijk komt iedereen goed beneden. Wist niet dat afdalen zo zwaar kom zijn. Laat mij maar klimmen. En als je denkt alles gehad te hebben, krijgen we nog een stukje highway naar Dhulikhel. Inderdaad, een hel. Een megadrukke vierbaansweg vol toeterende wachtwagen, bussen en moteren. Oja en op de gele lijn naast de highway rijden nog 10 ‘gekken’ uit Holland en België omdat ze zo nodig naar hun Hotel moeten.

De volgende ochtend moeten we weer een klein stukje highway. Gelukkig is het niet zo druk als gisteren. En al snel verlaten we deze weg om weer in landelijk gebied terecht te komen. Al glooiend stijgen we door de laaghangende bewolking naar het Monastery. Na een theetje bezoeken dit monnikenwerk om vervolgens weer een heerlijke Dal Bhat te eten. Daarna is het afdalen geblazen. Over een brede buckel zandpiste dalen we rap af. Totdat er een electriciteitspaal schuin over de weg steek. Wíj́ kunnen wel verder maar onze bezemwagen niet. En de terug is geen optie. Met vereende krachten tillen wij daarom de paal zó hoog dat de wagen er net onderdoor kan. Ook weer gefixd.

We kunnen verder. En dat moet ook want Bhaktapur, onze eindbestemming, schijnt erg mooi te zijn. Doortrappen dus. En ondertussen genieten van de werkers op de rijstvelden die massaal aan het oogsten zijn. Mooi gezicht die kleurig geklede mensen in de groene velden.
Klokke 3 uur bereiken we Bhaktapur dus tijd genoeg om de stad te bezoeken.

Na een dagje rust (reisdag met de bus), maken we opnieuw een mtb-tocht. Nu langs het Phewameer bij Pokara. Onze Nepalese begeleider is echt een baas. Of alles klopt wat hij zegt weet ik niet, maar hij zegt ‘for profession’ crosscountry wedstrijden te rijden. Behendig is hij in ieder geval. Hij doet niet veel onder voor Peter Sagan met zijn wheelies en het weg schieten van stenen met zijn achterwiel. In het begin hebben we een rustig tempo. Een heeel rustig tempo.

Maar dat wordt anders als we na een paar kilometer offroad gaan. Het wordt weer hotsen klotsen over de Nepalese wegen. Met af en toe een rivier crossing. Dit gaat niet altijd goed. Sommigen halen een nat voetje. Dat gebeurt overigens ook als je al trappende de overkant haalt. Het zou een easy ride worden. Maar dat is niet het geval. Want we gaan vaker door een rivier. De keien waarover we fietsen zijn soms wel erg groot en een stevige klim waarbij je net aan in het lichtste verzet boven komt, maken de tocht best pittig. Gelukkig is er een thee-moment. De pittige thee met koekjes bij een klein tentje naast de rijstvelden doet ons goed.
We vervolgen onze weg door de rijstvelden. Een mooie ervaring. Over grote keien banen we ons een weg naar de rivier. En vandaaruit, gaan we weer terug naar de bewoonde wereld, Pokara. Alweer een mooie fietsdag.

Na 4 schitterende wandeldagen door het Annapurnamassief maken we onze laatste fietstocht. Dit keer vrijwel vlak. We zitten in Chitwan, wat wil zeggen we een jungletocht op de fiets gaan maken. Ik kies daarom voor een echt Nepali fiets zonder versnellingen en met velgremmen die niet op de zijkant maar op de velg direct naast de spaken remmen. De fiets is veel te klein voor mij, maar ach wat maakt het uit. Ik probeer het zadel nog hoger te zetten maar de zadelpen blijkt heel kort te zijn. Het wordt een leuke tocht. In de dorpjes komen de kinderen uit de huizen om ons ‘Nameste’ toe te roepen. In de jungle stoppen we regelmatig om apen, krokodillen en herten we bekijken. Na 32 km zit de fietstocht erop. En daarmee ook de fietsbeleving in Nepal. Het was een mooie, bijzondere ervaring.

Zwanger van The Ride

Een maand geleden was ik bij mijn wielerspecialist De Haan voor een infoavond over The Ride. Het meeste wist ik al van een avond vorig jaar en via de sociale media. En toch kwam het nu anders binnen. Ik wist namelijk al dat ik volgend jaar mee wilde doen.

Inmiddels ben ik een belangrijke stap verder. Ik heb me officieel ingeschreven voor The Ride 2020 😛.
Voor degene die het niet helemaal goed voor ogen hebben; in 8 dagen door 8 landen van de Stelvio naar de Cauberg fietsen. 1300km en bijna 20.000hm. “Makkie”, aldus de organisatie, “want jullie hoeven alléén maar te fietsen”. De rest verzorgen wij.

De komende negen maanden ben ik ‘zwanger’ van The Ride. Bij alles zal de vraag oppoppen: Past dit in mijn Ride-planning?
Voor de meesten zit het wegseizoen erop. Voor mij begint het juist. Met een beetje conditie de winter uitkomen en dan snel uitbouwen. Ik heb een generiek trainingsschema ontvangen. Een totaal ander programma dan ik gewend ben. Ik ben een man van duurtrainingen. Zo heb ik de Alpe d’Huzes 5 jaar geleden ook gehaald. Geen bergen, geen interval, gewoon uren in het zadel zitten. Misschien wat eigenwijs, maar het werkte wel. Maar er is een belangrijk verschil. Dat was 1 dag en dit worden er 8.

Natuurlijk, veel uren maken is een must, maar daarnaast staat het trainingsschema ook vol krachttrainingen (op de fiets), intervallen en ritten in verschillende hartslagzones.
Nooit eerder gedaan en nooit behoefte aan gehad. Toch denk ik dat ik het nu eens een kans ga geven. Je schijnt er beter en sterker van te worden.

Mijn Stravavolgers is het wellicht al opgevallen. Ik ben al een beetje begonnen met intervallen en tempoblokken. Op gevoel, want ik moet nog wel even een hartslagmeter kopen.

Wat ik ook wil is wat meer doen aan mijn core en wat meer rekoefeningen. Maar dat wil ik al heel lang. Ik kwam onlangs een sportkeuringrapport tegen van 35! jaar geleden. Twee dingen vielen mij op. Ik weeg nog steeds hetzelfde als toen. En de aanbevelingen op het formulier moet ik nog steeds opstarten 🤔. “Meer buikspieren trainen”. Laat The Ride dan maar de aanleiding zijn.

Gelukkig ga ik het niet alleen doen. Anja gaat ook mee als vrijwilliger. Leuk, zo zijn we toch een beetje samen zwanger.

Komende maand ga ik een planning maken. Uiteraard ligt het trainingsschema er al, maar hoe ga ik dit doen naast de dagelijkse dingen in het leven. Hoe zien de komende vakanties eruit? Komt er een ‘hoogtestage’ op Mallorca of iets dergelijks? Zijn er vrienden die af en toe een lange duurtraining willen meefietsen? Heb ik voldoende fietskleding om winter comfortabel door te komen? Wordt het niet tijd voor een nieuwe racefiets?

Alles in het teken van The Ride. Negen maanden in een bubbel leven en dan weer beetje normaal doen. Dat is het plan!