De reuzel loopt mijn reet uit!

Niet een hele frisse titel. Het is een Rotterdamse uitspraak om aan te geven dat het snikheet is. Maar ik ken het gewoon van vroeger. De vader van een vriend zei het regelmatig. En ik moest er deze week weer aan denken. Gek hè?

Vandaag ben ik eindelijk aan fietsen toegekomen. Woensdag wilde ik wel, maar ging ik picknicken langs de Amstel. Toch te warm om met 35 graden te fietsen. Dacht ik. Maar begin van de avond koelde het flink af tot zo’n 28 graden. Als ik dát geweten had. Jaloers keek ik naar de vele wielrenners die de juiste beslissing hadden genomen. Hoewel, de picknick was gezellig hoor 😀
Met deze ervaring zag ik het al helemaal zitten om donderdag wél te fietsen. Maar het bleef toen wel lang heet. 36 graden tot na 20:00 uur. Pfff! Toen kwam ook de reuzel-uitspraak in mijn gedachten. Vrijdag hetzelfde liedje.

Dus helemaal blij stapte ik vandaag eindelijk op de racefiets. Het bleek nog flink warm rond 13:00 uur. Had ik toch vroeger moeten gaan fietsen? Weinig renners op de weg. De warmte speelde 70km lang door mijn hoofd. De geur van dode vissen die de warmte niet overleefd hebben trok regelmatig mijn neus in. Er stond een warme wind. Niks geen afkoeling door rijwind. Het was meer alsof iemand continu een föhn op mijn gezicht hield. In notime leek er een kraantje op mijn hoofd open te gaan die druppels zweet achter mijn zonnebril liet vallen. Het bleef maar door gaan. Gelukkig had ik twee grote bidons bij me om het vochtgehalte een beetje op peil te houden.

Ik zag kinderen zwemmen in open water. Wat zou ik er graag naast springen. Fiets aan de kant en huppakee. Ik zag mensen in een cabrio. Zouden zij het net zo warm hebben als ik. Ga lekker in een airconditioned auto zitten man. Gek!
Of ben ik juist diegene die gek is. Nee hoor, prima te doen om met 29 graden 70 km te fietsen. Maar iets koeler mag ook.

Passo Dolomiti

Ik kom net uit de sauna van ons hotel. Drink een heilzaam theetje en geniet enorm van mijn Dolomieten fietsweekje met de mannen van Dura Vermeer. Tot vandaag hadden we schitterend weer.

Vrijdag was onze eerste fietsdag. Of je wilt of niet. Je móet de Sella Ronda rijden als je in de Dolomieten bent. Zeker al je in Corvara zit, direct aan de Sella Ronda. Wat een schitterend Unesco gebied is dit! De klimconditie van de groep ligt wat uiteen, maar dat is absoluut geen probleem. Samen uit, samen thuis. En toch een beetje Cycling Apart Together. Want ieder gaat in zijn eigen tempo omhoog. En is vooral met zichzelf bezig om boven te komen. Ik ook. Ik geniet van de schitterende uitzichten. En natuurlijk van het bereiken van de top van elke beklimming. Het is nog even wennen. Binnen 5 kilometer heb ik meer hoogtemeters gemaakt, dan thuis na 3 weken fietsen. Gelukkig valt de hoogte mee. Tot zo’n 2250 meter. Hoger wordt het niet in de Dolomieten.

Op dag twee fietsen we ook ca 50 km. Alleen Robbert en ik doen er nog een schepje bovenop. We pakken na afloop de 9km klim naar de Passo Gardena er nog bij als toetje. Rustig aan bereiken we de top. Om vervolgens weer in rap tempo af te dalen naar ons hotel.

De volgende dag doen we er nog een schepje bovenop. De gevreesde Passo Giau wordt de volgende uitdaging. ’s Ochtends bekijken we het parcours nog even. Met wat zenuwachtige lachjes scheppen we nog wat eiwitrijke yoghurt met gedroogd fruit op. Baat het niet, dan schaadt het niet. De totale route is 85 km met de Giau als tweede klim.
Jos houdt het na de eerste klim voor gezien. Hij heeft de benen niet en komt niet vooruit. En dat is niet handig met een 10 km klim en gemiddelde stijging van 9,3% voor de boeg.

De Giau is zwaar. Ik maak mij geen illusies en kies direct het laagste verzet van mijn 11speed. Geen moment van rust. Toch probeer ik te genieten. Zo ontmoet ik Paul uit Londen tijdens de klim. We kletsen wat over de ‘bergen’ in Holland en over de omgeving. Na een paar honderd meter geeft hij aan zijn eigen tempo te willen aanhouden. Ik laat Paul achter me en klim alleen verder. Na een banaan op 6 kilometer ga ik door naar de top. De laatste kilometer tel ik iedere 100 meter af. Robbert is al boven. Eenmaal boven kijk ik op mijn telefoon. Jan heeft niet geappt. Dat is goed nieuws, hij is dus nog bezig met de klim. En na een tijdje komt hij iets na Marcel ook boven. Top prestatie!

Na een caffeine shot dalen we af voor een spaghetti lunch. Dit hadden we onszelf beloofd. Iedere helling na Giau is een peulenschil. Dus ook de 11 km met ca 5,5% naar Falzarego.
Het is al weer dinsdag. Een 85km route zit er vandaag niet in. Ook niet omdat er om 15:00 uur onweer wordt verwacht. We kiezen voor de Sella Ronda tegen de klok in. Dan kunnen we om 14:00 uur terug zijn. De Passo Gardena, een klim van 9 km, gaat goed. Marcel voelt zich wat misselijk, maar besluit toch door te gaan. Op de Passo Sella gaat de lucht al aardig werken. Gelukkig heb ik mijn regenjas meegenomen. Voor het eerst gebruik ik hem in de afdaling. Maar al snel blijkt dat ik hem ook daarna moet gebruiken. Op de beklimming van de Pordoi krijgen we de eerste klappen onweer al om de oren en begint het regenen. Eerst een paar druppels en snel daarna begint het flink te regenen. Nat kom ik boven. Maar dat is niet afgesproken!

We hebben nog een 9km afdaling voor de boeg. De weg is zeiknat en het blijft onweren. Als het droog lijkt te worden, begint het te hagelen. Ik zoek snel een afdak. En opeens lig ik op de grond, omdat ik een diepe geul wil ontwijken. Ik zie 2 diepe putten van twee tanden van het voorblad in enkel staan. Het bloed niet heftig, maar het is wel gevoelig.
Na 10 minuten krijg ik het koud. We moeten verder. In de stromende regen proberen we voorzichtig met ca 30km per uur af te dalen. Dat valt nog niet mee. Verkleumd, maar heelhuids komen we beneden. Daarom besluiten we direct de volgende, laatste klim, te beginnen. En die gaat bij iedereen als een speer. Of het de zuurstofrijke lucht is of de wil om warm te worden, ik weet het niet, maar in notime heeft iedereen de laatste 5 km klim naar Campalongo afgeraffeld. In het hotel probeer ik de wond aan mijn enkel schoon te krijgen. Met overal smeer van mijn ketting lukt dit matig. Hopelijk werken de desinfecterende tissues goed.

De laatste mogelijke fietsdag wordt er nog eerder op de dag regen voorspeld. Met de schrik van gisteren nog in de benen besluiten we er een wandeldag van te maken. Er valt die dag geen druppel. 😀