Als een dood vogeltje.

Ik heb nooit onder stoelen of banken gestoken dat ik geen voorstander ben van binnen sporten. Dus ook niet van spinnen, wattbiken of op de Tacx zitten. Ik kan mijn warmte onvoldoende kwijt. En eigenlijk is het gewoon heel saai. Toch werd ik tijdens mijn zomervakantie vorig jaar getriggerd door een Facebook advertentie van Robic Cyclinglab. Trainingen van anderhalf uur bestaande uit Zwift-trainingen, intervaltrainingen, virtuele beklimmingen, FTP-testen etc. Ik besloot om het te gaan proberen. En sleepte mijn broer in mijn enthousiasme mee. Eén keer, om te kijken of ik in het voorjaar mijn conditie sneller op orde heb dan normaal.

Begin januari was mijn eerste training. Stomgenoeg was ik best wat gespannen. Een half uur voor aanvang stonden we op het middenterrein van de Velodrome op Sloten. Twaalf Eddy Merckxfietsen in een Tacx Neo stonden al klaar voor mannen die hun energie kwijt willen. Geen vrouwen. Blijkbaar is dit een mannending?!
We zijn niet de enigen. Op de houten wielerbaan wordt ook flink getraind. Soms ook achter de derny.

Na een korte uitleg gingen we voor de FTP -test (Functional Threshold Power). Dat is simpel gezegd het vermogen dat je gemiddeld 60 minuten kan volhouden. Na afloop bleek dat bij mij een FTP van 190 te zijn. Met een gewicht van 72kg. Ik heb geen flauw idee of dat veel of weinig is. Ik zie het in ieder geval als een mooie nul-meting, omdat mijn conditie niet echt om over naar huis te schrijven was. Bij de vervolg 11 trainingen wordt mijn FTP van 190 de basis voor de inspanningen.

Deze week heb ik mijn derde training gehad. Het begint te wennen. In het begin zat ik naar het Zwift-scherm te kijken, maar de helft ontging me. Er is ook zoveel te zien op het scherm. Zo kreeg ik de “opdracht” om 6 minuten met 195 watt te fietsen, maar ook met 95 omwentelingen. Ik zat maar te pielen tussen wattage en cadans, zodat het fietsen bijzaak werd. Totdat ik hoorde dat de cadans leidend is. En toen ging het meteen stukken beter.
Deze donderdag moest ik ook 5x sprints afleggen met een minimum wattage van 475. Wennen hoor. Je uit de naad fietsen, op een stilstaande fiets. Het leuke van dit onderdeel is wel dat iedereen ongeveer gelijk de sprint tegen zichzelf aangaat, met zijn eigen hoogte in wattage. En toch is er een gelijkenis. Na afloop staan we nog allemaal op dezelfde plek. En iedereen begint als een dood vogeltje aan z’n coolingdown. Gelukkig met een grote vin op je gericht.

Zo langzamerhand beginnen mijn negatieve vooroordelen voor Zwift in rap tempo af te nemen. Sterker nog, ik heb al weer zin in aanstaande donderdag. Ook al gaat er niets boven een ritje over het asfalt.